‘Ik ben niet van het opruimerige soort.’ Wie bij Wim van der Meer in de Sacramentsstraat over de drempel stapt kijkt zijn ogen uit. Wim is naast meubel- en kledingreparateur een verzamelaar van het bijzonderste soort. In alle vertrekken op de begane grond van het pakhuis staat wat. Soms hoog opgetast en moeilijk te beschrijven wat het ooit is geweest. ‘Kijk, een mast van een scheepje dat we ooit hadden. Zonde om dat weg te gooien. Ik ruim drie keer per jaar op.’
Ook in de l-vormige tuin achter het pakhuis, dat loopt tot de achterkant van Trekpleister aan de Voorstreek, met daarin de overblijfselen van een kleine fabriek, staat van alles opgesteld. Van een werkbank tot een brommer en van straatfeestverlichting tot markiezen die hun beste tijd hebben gehad. ‘Daar ligt een console. Die lijm ik en dan kan die weer even mee.’ Rond de voorwerpen staan heggewinde, zevenblad en aardappelen.
Wim van der Meer restaureert en fabriceert stoelen, kleding en tassen. ‘Ik moet nog fiberfille stof bestellen. Dat kocht ik voorheen op de markt, maar die handel is daar behoorlijk uitgedund. Er staat nog maar een kraam. Oh, ik zie dat ik toch nog wel wat heb.’ Van der Meer, inmiddels zeventig jaar oud, maakt zich om zijn zakelijke nering niet erg druk. De handel lijkt hem aan te waaien. ‘Ik doe waar ik zin in heb en dit doe ik al 42 jaar.’